Zijn pas ging wat sneller en zijn ogen dwaalden over de vlakte op zoek naar datgene waarover hem zo vaak was verteld nl. “de Reus Bunckman” en waarvoor velen in die tijd gaarne een grote omweg maakten. Plotseling voelde hij een hand in zijn nek en als een veertje werd hij bijna een meter van de grond getild. De bulderende lach van de reus deed de bomen schudden en de bladeren vallen. De buidel met zilverlingen werd de muzikant van de gordel gerukt en met een wijde boog belandde de violist naast zijn instrument in het mulle zand. De reus hief zijn houten knots, die bestond uit een complete knotwilg en juist voor hij deze zou laten neerdalen op de arme muzikant sprak deze: “Bunckman, sta mij toe een laatste wens te kunnen vervullen”.
Volgende bladzijde
De Bunckman standbeeld

SAGE

Lang geleden reisde over de Veluwe een kleine violist van stad naar stad, van kasteel naar kasteel en vermaakte met zijn liederen en balladen in ruil voor slechts enkele zilverlingen de kinderen op het marktplein en de ridders en kasteelheren in hun vestingen. Hij was een gewaarschuwd man toen hij, na een bezoek aan Amersfoort via de oude hessenwegen naar het Oosten trok. Vaak was hem verhaald van “de Reus Bunckman” die leefde van roof en plundering op de heidevelden nabij Stroe en Garderen. Rond de middag bevond de muzikant zich ter hoogte van Voorthuizen en naarmate de avond viel werd hij toch onrustig.